Wist je dat?

5 11 2015

Wist je dat…

  • ‘Nchima’, een soort deegwaar, hier het hoofdonderdeel is van élke warme maaltijd?
  • Ze in Zambia gewoonlijk met hun handen eten (zonder bestek)?
  • Het levensmotto van zuster Agness als volgt luidt: “Life is a celebration, so whenever we find a reason to celebrate, we celebrate!” En dat doen ze hier inderdaad genoeg!
  • De zusters en zelfs de jongste meisjes hier zonder enige walging zelf hun kippen slachten en bereiden?
  • We hier soms een pot vol met enkel kippenkoppen of kippenpootjes voorgeschoteld krijgen? Ik hou het toch liever bij kippenbil en kippenborst…
  • Kussen hier zeer ongewoon is? Een Italiaanse priester vertelde me bijvoorbeeld onlangs over zijn ervaring met het huwen van koppels in Zambia. Op het moment dat hij de woorden “you may now kiss the bride” uitsprak, gebeurde het tot zijn eigen verbazing vaak dat koppels elkaar onwennig de hand schudden in plaats van te kussen. Ook bij het groeten van vrienden/kennissen/familie wordt er nooit gekust; de wangen worden gewoon tweemaal tegen elkaar gedrukt.
  • Er bij het begin van elke autorit een gebedje gedaan wordt? En eerlijk gezegd: ik begrijp waarom!
  • Er in Zambia meer dan 73 verschillende lokale taaltjes worden gesproken?
  • Niet zozeer borsten, maar wel vrouwenbenen het object van aantrekking zijn voor Zambiaanse mannen? Vandaar dat vrouwen hier niet zozeer hun borsten, maar vooral hun (boven)benen bedekken en bijna uitsluitend lange rokken dragen. Gelukkig wordt er binnen de muren van City of Joy wel aanvaard dat ik korte shorts draag, anders waren mijn benen al lang gesmolten.
  • Het hier vanaf 18 uur al donker wordt, ook in hartje zomer?
  • Er geen uurverschil is tussen Zambia en België? Enkel wanneer België overschakelt naar wintertijd ontstaat er één uur tijdsverschil met Zambia, tot er in België weer wordt overgegaan naar zomertijd.
  • De meisjes gedurende de hele maand oktober elke avond de rozenkrans moeten bidden?
  • Alle aspiranten (de zusters-in-wording) gemiddeld 19 jaar oud zijn en dus jonger zijn dan mezelf? Ook de zusters in Zambia zijn vooral jonge vrouwen in plaats van ‘oude nonnen’.
  • Kinderen in Zambia slaag krijgen op school?
  • Sommige meisjes dagelijks een uur moeten wandelen om op school te geraken?
  • Het hier zeer onbeleefd is om ‘luidop’ je neus te snuiten in het bijzijn van andere mensen? Agnes heeft dat ondervonden toen ze verkouden was; de meisjes waren zeer verontwaardigd toen ze tijdens het lesgeven haar neus snoot en riepen allemaal: “Agnes! Bad manners!!!”
  • Kinderen vaak niet naar school kunnen omdat hun ouders het niet kunnen betalen? Een Zambiaanse jongen van mijn leeftijd, die ik leerde kennen tijdens oratory, moet bijvoorbeeld een jaar zijn studies onderbreken in afwachting tot zijn ouders weer geld genoeg bijeengewerkt hebben om z’n schoolgeld te betalen. Tijdelijk tewerkgesteld worden als jongere om zelf wat centjes te verdienen is hier quasi onmogelijk, dus de jongen zit noodgedwongen een jaar lang thuis. En hij is lang niet de enige in die situatie.
  • De elektriciteit of de watertoevoer hier dagelijks wel eens uitvalt en soms uren kan uitblijven?
  • Het hier op anderhalve maand tijd nog maar één keer geregend heeft?
  • De meisjes hier supergraag zure melk drinken?! Alleen de geur al doet me walgen!
  • Zambianen vrijwel iedereen (bekenden of onbekenden) groeten met de woorden: “How are you?” Stel je voor dat bijna elke voorbijganger die je tegenkomt op straat jou vraagt hoe het met je gaat… In Zambia is dat een vorm van elementaire beleefdheid. Zelfs de kassierster in de supermarkt zal elke klant groeten met “How are you?”. Bryan, een Zambiaanse man die enkele jaren in Italië studeerde, vertelde me onlangs hoe hij voor het eerst in Italië zijn nieuwe buren ontmoette… Toen hij hen goed bedoeld groette met de woorden “Hey, how are you?”, worpen zij hem een boze en minachtende blik toe. Waarop Bryan reageerde: “Oh, sorry, I come from the country where people greet each other.” 🙂
Advertenties




Het leven zoals het is @ City of Joy

5 11 2015

Tot mijn eigen verbazing heeft het amper een week geduurd eer ik mij hier volledig thuis voelde. Een thuis, een speelplaats, een kerk en een school; dat zijn de vier criteria waarin City of Joy probeert te voorzien. Een dag uit het leven zoals het is in City of Joy ziet er als volgt uit: van 8 tot 11 uur zijn er de ‘morning classes’ voor de niet-schoolgaande meisjes. Er verblijven momenteel 29 meisjes in City of Joy, waarvan er tien in de voormiddag niet naar school kunnen en dus morning classes volgen bij ons, vrijwilligers. ‘k Had er op voorhand geen idee van dat ik les zou moeten geven hier in Zambia. Echte klaslokalen hebben ze hier (nog) niet in City of Joy, maar wel een leegstaand huis dat als les- en studeerruimte gebruikt wordt. Wat we de meisjes precies zouden onderwijzen en hoever hun kennis tot dan toe reikte, moesten we zelf uitzoeken. De eerste lessen waren dan ook een complete chaos. De meisjes kwamen binnen en buiten gewandeld wanneer ze maar wilden, hadden geen boeken of schrijfgerief bij zich, en spraken vaker in hun lokaal taaltje dan in het Engels. Al snel bleek ook dat er sterke verschillen waren tussen de meisjes onderling wat betreft hun schoolse bekwaamheden. Sommige meisjes van 14+ jaar kunnen amper lezen, schrijven of tafels van vermenigvuldiging oplossen, terwijl de andere, jongere meisjes het dan weer wel vrij goed doen. Kortom: het lesgeven is een grote uitdaging, maar we doen ons best. ’t Maakt voor de zusters blijkbaar niet zoveel uit wat we de meisjes precies bijbrengen, maar wel dat we hun voormiddagen zinvol invullen, en dat doen we.

Om 13 uur worden we telkens in de convent verwacht om er samen met de zusters en de aspiranten (de zusters-in-wording) te lunchen en te bespreken hoe de voormiddag verlopen is. De lunch wordt altijd ingezet en afgesloten met een gebedje. Dat gebedje kan soms vreselijk lang duren als je met een grote honger zit!

’s Namiddags zijn alle kinderen en jongeren van nabijgelegen gemeenschappen in Mazabuka, die op da20150920_155917t moment niet op school zitten, welkom op het buitenterrein van City of Joy voor Oratory. ‘Oratory’ betekent hier eigenlijk niet meer dan ‘speeltijd’. De jongeren kunnen basketballen, voetballen, tennissen, gezelschapsspelletjes spelen,
of gewoon gezellig samen zitten, babbelen en vrienden maken. ’s Weekends wordt er door Joseph, de hoofdleider van de oratory, af en toe een activiteit geïntroduceerd en wordt er muziek gedraaid en gedanst. Van mij en mijn drie ‘collega-vrijwilligers’ wordt verwacht dat we op elke oratory aanwezig zijn zodat de jongeren met ons kunnen spelen of praten als ze dat willen. We hebben natuurlijk ook de vrijheid om zelf een activiteit of competitie te organiseren of om ‘DJ’ te spelen :-). De meest memorabele oratory tot nu toe was toen we op een hete zondagnamiddag met z’n allen een reusachtig watergevecht hielden. Er waren zo’n vijftigtal kinderen en jongeren aanwezig, en die vonden het uiteraard plezant om de blanken te viseren. Vier tegen allen dus! Ik spreek hier trouwens niet over waterpistolen, spuitjes of waterballonnetjes, maar over flessen, emmers en zelfs bakken vol water! ’t Was plezant :-). Oratory begint dagelijks om 14u30 en wordt om 17 uur afgesloten met een moraliserend verhaaltje en een gebed.

Na oratory hebben we tijd om in het vrijwilligershuis ons eigen potje te koken. Onze schoolgaande meisjes komen meestal tussen 16u30 en 17u30 terug van school –afhankelijk van hoe ver gelegen hun school is– en hebben graag dat we hen na schooltijd komen groeten en naar hun vertellingen luisteren. Ook zij moeten zelf, in een beurtrolsysteem, hun avondmaal bereiden. Elke avond moeten de meisjes hun eigen schooluniform met de hand wassen tegen de volgende schooldag. Daarnaast moeten de meisjes ook nagenoeg elke avond een ‘perceeltje’ grond onderhouden. Het grasoppervlak moet bijvoorbeeld regelmatig vochtig gemaakt worden door er water over te gieten, aangezien het hier voorlopig zelden regent. Wanneer de meisjes in bed liggen komt zuster Agness controleren of ze hun karweitjes grondig hebben uitgevoerd. Wie niet in orde is mag als straf de volgende dag niet naar school (!) en krijgt er nog een extra karweitje bovenop.

Tussen 20 uur en 21u30 kunnen de meisjes naar het ‘studeerhuis’ komen om er hun huiswerk te maken of in stilte te leren. De vrijwilligers zijn er om de ruimte stil te houden, om leerstof uit te leggen of om te helpen met huiswerken. Dit is onze laatste taak van de dag…





Eerste indrukken…

5 11 2015

Zeventien september 2015, dag één van mijn Zambia-avontuur. ’t Was met een klein hartje dat ik het vliegtuig verliet en mijn eerste stappen zette op Zambiaanse grond. Allereerste indruk: HEET! Zuster Agness en chauffeur Robert stonden me met een warme glimlach op te wachten aan de luchthaven. Na een lange autorit werd ik met luid enthousiasme en veel geknuffel door de meisjes van City of Joy onthaald. “Eline, we’re gonna have so much fun together!” En dat ze gelijk hadden, althans tot nu toe… :-).

City of Joy is z’n naam niet gestolen. Er gaat hier werkelijk geen dag voorbij zonder gezang, gelach, gedans, muziek… Onvoorstelbaar hoe luidruchtig en uitbundig de meisjes hier zijn. In het begin schrok dat me een beetje af. Maar het went. Meer nog: het is aanstekelijk.





City of Joy – Mazabuka, Zambia

5 11 2015

“City of Joy” in Mazabuka (Zambia) is een “Home for Girls at risk”, opgericht in 2008 door Salesiaanse zusters. Meisjes komen er terecht na doorverwijzing door de Sociale Welzijnssector of door andere instellingen of individuen die zich ernstig zorgen maken over het welzijn van het kind. De meerderheid van de meisjes zijn wees en/of hebben niemand die voor hen zorgt en in hun basisbehoeften voorziet (scholing, medische zorg…); sommigen onder hen hebben een achtergrond van seksueel misbruik of zijn HIV positief. Er verblijven momenteel 29 meisjes in City of Joy, verdeeld over twee huizen. Voor elk huis is er sinds kort een “mummy” die permanent bij de meisjes inwoont om zoveel mogelijk het normale familieleven te benaderen. De leeftijd van de meisjes varieert tussen 7 en 20 jaar oud.